Mozambique Sijs

Opvoeding / verzorging:

In een buitenvolière voelen deze vogels zich goed op hun gemak. Beplanting wordt door de dieren op prijs gesteld, al is deze niet strikt nodig. De van kwekers afkomstige dieren kun- nen ook prima in een kooi of kamervolière binnenshuis gehouden worden; mannetjes van deze soort worden nogal een binnen gehuis- vest voor hun zang. Let er in zo’n geval wel op dat de vogel voldoende beweging krijgt, zodat hij niet vervet; overvoer niet. een langgerekte kooi, waarin de zitstokjes zo ver van elkaar af staan dat de vogel moet vliegen om van de ene naar de andere stok te komen, is vaak voldoende om hem in uitstekende conditie te houden. Omgevingstemperatuur: Mozambiquesijsjes zijn tamelijk geharde vogels die in principe geen verwarmd nachthok nodig hebben. Zorg er echter wel voor dat het hok goed geïsoleerd is en op een beschutte plak staat.

Voedsel:

U kunt deze vogels als basis voer een zaadmengsel voor kleine tropische vogels geven. Daarnaast eten de dieren ook graag wat andere zaden, zoals trosgierst en vers en gedroogd onkruidzaad en graszaad. Ook kleine stukjes fruit worden op prijs gesteld, maar geef hier van niet te veel. Zoals alle vogels die voornamelijk leven op een menu van zaden, hebben ook deze vogels scherpe maagkiezel nodig die in de spiermaag de zaden beurs maakt. Maag kiezel, maar ook grit voor de kalkbehoefte, moeten dan ook altijd voldoende aanwezig zijn, zodat de vogels er naar behoefte van kunnen opnemen.

Gedrag:

De mannetjes van deze soort hebben een mooie zang, maar brengen deze meestal uit sluitend tijdens het kweekseizoen ten gehore. Wordt een mannetje afgezonderd gehouden, dan zingt hij vrijwel voortdurend. Normaliter worden deze vogels in een volière gehouden, waar ze met name bij het krieken van de dag en ’s avonds van zich laten horen. Het zijn in het algemeen levendige, maar geen zenuwachtige vogels. Ze worden al snel vertrouwelijk.

Kweek Info:

Mozambiquesijsjes kunnen zowel in een buitenvolière als in een kweekkooi voor nageslacht zorgen. Ze hebben een voorkeur voor nestkorfjes, die wanneer u de dieren buitenshuis houdt, op diverse plaatsen kunt neerhangen. Bij voldoende beplanting wordt soms ook een vrijstaand nest gemaakt. De vogels kunnen dan zelf hun keuze bepalen. Voor de nestbouw, die het vrouwtje op zich neemt, worden verschillende zachte materialen gebruikt, zoals kortgeknipt henneptouw en zachte, gedroogde grashalmpjes. Het gemiddeld aantal eitjes bij deze soort ligt tussen de 2 en 4. Ze zijn wit tot heel licht blauw met roodbruine spatjes. De eitjes worden vrijwel uitsluitend door het vrouwtje bebroed, al is het mannetje tijdens de nachten ook vaak in het nestkastje te vinden. Na ongeveer 13 dagen broeden komen de eitjes uit. De jongen worden door beide ouders gevoerd. Na ongeveer drie weken vliegen de jongen uit. Ze worden dan nog een paar weken door het mannetje gevoerd. Zodra de jongen zelfstandig zijn, kunt u ze beter uitvangen. Ze worden dan meestal niet meer geduld door het mannetje. Het kan een jaar duren voordat de jongen geheel op kleur zijn. Voor die tijd zijn de mannetjes met moeite te onderscheiden van de vrouwtjes. Een goed kweekstel kan meerdere legsels per jaar grootbrengen. Hoewel deze vogeltjes doorgaans prima gedijen op een menu van zaden en groenvoer, is er tijdens de kweekperiode behoefte aan kleine insecten. Zeker als er jongen zijn, geeft u ze meerdere keren per dag wat insectenvoer, kleine levende insecten (o.a. fruitvliegjes) en eivoer.

De Gekleurde Zanger - C.L.W.Noorduijn | info@vogelvereniginglochem.nl